april 1, 2010

Hoeveel bedraagt de intrestvoet voor handelstransacties?

De intrestvoet bij betalingsachterstand in handelstransacties wordt twee keer per jaar
aangepast. Voor het eerste semester 2010 bedraagt hij 8%. Als niets anders is overeengekomen, heeft u recht op de betaling van een intrest tegen deze intrestvoet, zonder ingebrekestelling. De intrest is ook verschuldigd na het verstrijken van een overeengekomen betalingstermijn.

Handelstransactie

De intrestvoet geldt alleen voor handelstransacties. Dat zijn transacties tussen partijen die handelen in het kader van hun professionele werkzaamheden:

tussen ondernemingen onderling; of

tussen ondernemingen en aanbestedende overheden of diensten. De transactie moet betrekking hebben op het leveren van goederen of op het presteren van diensten tegen vergoeding.

De intrestvoet geldt dus ook voor vrije beroepers, ambachtslui en landbouwondernemingen.
Hij is niet van toepassing op transacties tussen ondernemingen en consumenten (burgerlijke en handelszaken). Voor achterstallige betalingen van een consument is de wettelijke interestvoet van toepassing. Die is voor 2010 bepaald op 3,25%.

Bijzondere wettelijke intrestvoet

De intrestvoet wordt elke zes maanden in het Belgisch Staatsblad gepubliceerd. Op 1 februari 2010 heeft de minister van Financiën de wettelijke intrestvoet meegedeeld voor het eerste semester van 2010. Hij bedraagt 8%. De nieuwe intrestvoet geldt van 1 januari 2010 tot en met 30 juni 2010.
De bijzondere wettelijke intrestvoet is hoger dan de gewone wettelijke intrestvoet en daardoor valt wanbetaling duidelijk duur uit voor schuldenaars. De wetgever wil hen zo aansporen om sneller over te gaan tot betaling.
De intrestvoet is al een tijdje in dalende lijn. Het kan dus nuttig zijn om een vaste en zekere intrestvoet in uw factuurvoorwaarden op te nemen. Door het suppletief karakter van de intrestvoet mogen partijen er immers van afwijken. Let wel op want de rechter beslist uiteindelijk over de redelijkheid van de conventioneel bepaalde intrestvoet.

Wettelijke betalingstermijn: 30 dagen

De wet van 2 augustus 2002 die de wettelijke intrestvoet bij betalingsachterstand bij handelstransacties heeft ingevoerd, bepaalt dat – indien u niets afspreekt – elke betaling tot vergoeding van een handelstransactie moet gebeuren binnen een termijn van 30 dagen.
Die wettelijke betalingstermijn van 30 dagen kan op drie momenten beginnen lopen:

op de dag volgend op die van de ontvangst van de factuur door de schuldenaar;

als die datum niet vaststaat of als de schuldenaar de factuur eerder ontvangt dan de goederen of de diensten, vanaf de dag volgend op die van de ontvangst van de goederen of de diensten;

als de wet of de overeenkomst voorziet in een procedure voor aanvaarding of controle om na te gaan of de goederen of diensten overeenstemmen met wat de overeenkomst bepaalt, op de dag volgend op die van de aanvaarding of controle, als de schuldenaar de factuur ontvangt vóór of op de datum waarop de aanvaarding of de controle plaatsvindt.

Langere betalingstermijn

Niets belet u om met uw schuldenaar contractueel een langere (of kortere) betalingstermijn af te spreken. Als blijkt dat die termijn “kennelijk onbillijk” is, kan de rechter wel een kortere termijn opleggen. Hij zal rekening houden met de commerciële en financiële belangen.

Vordering tot staking

Wist u trouwens dat u als ondernemer een vordering tot staking kan instellen tegen alle contractuele bepalingen die kennelijk onbillijk zijn. U heeft recht op een vergoeding van de eventuele gerechtskosten, maar u mag daarnaast ook een “schadeloosstelling” vragen voor de relevante invorderingskosten (bv. aangetekende zendingen, verplaatsingskosten, administratie- en beheerskosten).
Deze vordering tot staking wordt ingesteld en behandeld zoals in kortgeding. De uitspraak is uitvoerbaar bij voorraad, d.w.z. de uitspraak is meteen van kracht ondanks (eventueel) hoger beroep.

Facebooktwitterlinkedinmail